Weblog | Peter van der Werff | 14 februari 2010
Plaats-, tijd- én organisatieonafhankelijk werken, de droom van iedere adviseur. Toch? Van mij in ieder geval wel. Nu als organisatieadviseur bij RijksAdvies, maar voorheen ook als senior beleidsadviseur elders binnen het Rijk. Fantastisch, de combinatie van vrijheid (meerdere opdrachten naast elkaar) én maatschappelijke relevantie (werken bij het Rijk). Om me heen zie ik steeds meer werknomaden in Rijksdienst.
Maar is het Rijk wel klaar voor deze manier van werken?
Ik geniet ervan; 's ochtends bij BZK werken en 's middags voor 2 interviews bij OCW en Financiën langs. Bij BZK doe ik een langere opdracht, daar heb ik een pasje om binnen te komen. Maar geen vaste werkplek. Geen probleem op een vrijdag als deze, nu ik deze blog zit te tikken. Maar op andere dagen is het regelmatig zoeken naar een plek. Herken je dat? Als flexibele ambtenaar ontkom je niet vaak aan het fenomeen dat wat een flexplek zou moeten in zijn, in de regel door 'vaste' medewerkers voor vast is ingepikt. 'Hee, dit is míjn flexibele werkplek', schamperden Fokke en Sukke al...
En dan het ritueel om bij een ander ministerie binnen te komen... Aangemeld worden, in de rij staan, bellen met de contactpersoon, een gastenpas; toch maar een kwartiertje extra voor uittrekken iedere keer. Natuurlijk, de Rijkspas zit eraan te komen. Maar ook die zorgt er niet voor dat ik overal gelijk binnen kan lopen. Tóch weer die aanmeldingsprocedure (echt waar). Is het teveel gevraagd om dat los te laten? Ben ik, als rijksambtenaar, niet gewoon rijksbreed gescreend en dus te vertrouwen?
Gelukkig geen last van dit soort ongemak op de andere plekken waar ik werk. De documentatie van mijn opdrachten bewaar ik thuis, waar ik ook de opdrachtadministratie doe. In de trein lees ik prettig, klap mijn laptop open of email met collega’s via de mobiele telefoon. Ik zie uit n
aar een e-reader zodat ik papier kan besparen en niet meer zo hoef na te denken welke stukken mee moeten in de rugtas. En contact met mijn RijksAdvies-collega’s? Soms wil je een opdracht doorspreken, of iets waar je in vastloopt. De afspraak wordt dan vaak gemaakt op plekken waar de koffie goed is. Café’s genoeg!
Plaats-, tijd- en organisatieonafhankelijk werken bij het Rijk; ik droom van een situatie dat ik willekeurig welk rijkskantoor binnenloop, met mijn rijkspas standaard naar binnen kom, en waar een paar verdiepingen zijn ingericht met aanlandplekken. Beveiliging, schoonmaak en catering zijn standaard geregeld.
Gastvrij, en een fantastische omgeving om andere werknomaden van het Rijk te treffen. Ik heb toegang tot mijn gegevens en werk in een kantoortuin of anders solo, via een concentratiewerkplek. Voor overleg met collega's is wel een zithoek ingericht; op afstand (virtueel) samenwerken kan via ICT-voorzieningen.
Die droom is nog steeds een droom. Maar omdat die werknomaden steeds talrijker worden, móet die droom steeds meer werkelijkheid gaan worden. Wat helpt, is dat ik mijn droom kan delen in workshops over de Concernvisie Facilitair & Huisvesting. Daarmee komt het al een stap dichterbij beleid.
En tot slot, deze blog geeft mij de gelegenheid om de droom van deze werknomade met jullie te delen. Wie weet, lezer, versterken we elkaar hiermee. Want plaats-, tijd- en organisatieonafhankelijk werken, dat wil toch iedere adviseur?
Kim Spinder | 17 februari 2010
Peter, mooi verwoord! Super dat jullie zo actief aan het bloggen zijn geslagen :) Het is erg fijn om te lezen hoe het gaat en vooral hoe je het nieuwe werken ervaart. Om je te helpen deze kennis actief te delen en verspreiden heb ik 'em opgenomen op onze plaza over het nieuwe werken: http://www.mindz.com/plazas/hetnieuwewerken. Hier komen mensen samen die kennis en ervaringen delen over het nieuwe werken!
Groet Kim
Gerdien | 16 februari 2010
Ja dat wil iedere adviseur wel. (en ik denk zelfs dat het niet alleen aan adviseurs is om dit te willen) Helaas is de praktijk nog veel te vaak anders.
Er wordt gedacht dat elke organisatie uniek is. Dat elke opdracht uniek is, en elk advies dus zeker ook! En dat wat van mij is, ook goed beschermd moet worden. Het is immers van mij en niet voor hen...Dus tja helaas zijn de organisaties er nog niet klaar voor.